Wet Forensische Zorg en artikel 37 plaatsingen

Nieuwsbericht
27 juli 2018

Hierbij willen wij u informeren over de gevolgen van de invoering van de Wet forensische zorg (Wfz) voor de forensische zorgtitel “ Zorg zonder strafoplegging door opname in een psychiatrische ziekenhuis voor de duur van een jaar in het kader van de strafrechtelijke machtiging” (art. 37 jo 39 Wetboek van strafrecht).

Op 23 januari 2018 is de Wfz door de Eerste Kamer aangenomen en deze treedt op 1 januari 2019 in werking. De inwerkingtreding van de Wfz heeft gevolgen voor de artikel 37 plaatsingen in de forensische zorg door een overgang naar de Wet Verplichte GGZ (WvGGZ). Dit wordt geregeld door de zogenaamde schakelbepaling in de Wfz naar de WvGGZ , te weten Artikel 2.3 (wijziging artikel 37 Sr: opleggen RM door strafrechter). Op basis van deze bepaling kan de rechter een civielrechtelijke zorgmachtiging afgeven in het kader van de WvGGZ.

Aangezien de WvGGZ pas per 2020 in werking zal treden, zal de genoemde schakelbepaling in de Wfz vanaf 1 januari 2020 gelden. Dit betekent dat het vervallen van artikel 37 als forensische zorgtitel niet per 2019 aan de orde is maar pas op 1 januari 2020.

U wordt binnenkort nader geïnformeerd over alle overige gevolgen en wijzigingen door de invoering van de WFZ.